Groep 5-6Beeldend

IJsvermaak

Maak een collage van een mens die zich vermaakt op het ijs.Optie: voeg verschillende mensfiguren samen op een groot vel voor modern ijsvermaak.

Hier gaat het over
betekenis

IJsvermaak

De les heeft een schilderij van de Nederlandse kunstenaar Avercamp als uitgangspunt. Hij schilderde veel winterlandschappen. We vergelijken zijn werk met de huidige tijd. Wat is hetzelfde gebleven? Wat is veranderd? De les sluit aan bij kerndoel 56: leerlingen verwerven kennis over en krijgen waardering voor aspecten van cultureel erfgoed. In het bijzonder de voortgang en verandering van cultuur. Je kunt ook aansluiten bij kerndoel 51: leerlingen leren gebruik te maken van eenvoudige historische bronnen, in dit geval over de verschillen tussen heden en verleden.
Hier kun je op letten (optioneel)
vorm

Standpunt en horizon

Doel: de leerling kent de begrippen standpunt en horizon.
De leerling weet wat het verschil is tussen een laag en hoog standpunt en kan dat herkennen in een afbeelding.
De leerling kan een werkstuk maken waarin gebruik is gemaakt van een laag of hoog standpunt.

Waar moet je op letten?
  • Zijaanzicht: de kijker staat op gelijke hoogte met het onderwerp. De horizon ligt iets boven het midden van de afbeelding, het onderwerp komt een beetje boven de horizon uit.
  • Kikkerperspectief: de kijker staat laag. De horizon ligt laag en het onderwerp steekt een groot stuk boven de horizon uit.
  • Vogelperspectief: de kijker staat hoog. De horizon ligt hoog en het onderwerp steekt niet boven de horizon uit.
Hier ga je het mee maken
werkwijze

Scheuren/plakken papier

Doel: de leerling kan eenvoudige vormen scheuren uit papier en deze met een beetje lijm vastplakken op een ondergrond. 

Waar moet je op letten?
  • Scheuren is een lastige techniek die veel herhaald moet worden.
  • Zet de vingers van beide handen dichtbij de plek waar gescheurd moet worden.
  • Scheur steeds korte stukjes.
  • Begin met een grotere vorm en pas de vorm daarna aan.
Je hebt nodig:
  • papier; wit, gekleurd of bewerkt, A4 formaat (voor de vormen)
  • papier, wit of gekleurd (voor de achtergrond)
  • lijm
 
Toelichting:
Bij het maken van een collage van papier kun je gebruikmaken van verschillende soorten papier:
  • tekenpapier
  • gekleurd papier
  • bewerkt tekenpapier
  • bedrukt papier
werkwijze

Tekenen met viltstift

Doel: de leerling kan met viltstift verschillende soorten lijnen tekenen en arceren.

Waar moet je op letten?
  • Houd de stift op verschillende manieren vast om lijnen te tekenen.
  • Herhaal een lijn op een regelmatige manier voor een arcering.
  • Maak ook arceringen waarbij je twee of meer kleuren gebruikt.
Je hebt nodig:
  • viltstiften
  • tekenpapier

Toelichting:
  • Omdat je viltstift niet kunt mengen, wordt de tekening rijker als je over een groot aantal kleuren beschikt.
  • Gebruik tekenpapier. Je kunt zowel ruw als glad papier gebruiken. Omdat viltstift een fijn materiaal is, mag het papierformaat niet te groot zijn. A5 (148 x 210mm) is prima. 
Zo kom je op ideeën (optioneel)
onderzoek

Speel met je figuur

Doel: de leerling kan lichaamsvormen van een mens scheuren en de vormen op het papier schuiven om te zoeken naar een passende plaats. 
 
Waar moet je op letten?
  • Vergelijk met de leerlingen steeds het werk met een echt persoon en stel vragen als: waar zitten de armen, de benen, het hoofd enz.
  • Stimuleer het schuiven door de lijm nog niet te geven.
  • Stimuleer het schuiven door een minimaal aantal figuren te laten leggen.

De definitieve houding kan op een van de volgende manieren gebruikt worden:
  • Vastplakken met plakband om over te trekken.
  • Vastplakken met lijm om erop door te werken, bijvoorbeeld met stift, kleurpotlood, oliepastel, pen en inkt, verf of gekleurd papier.
  • Vastplakken en als schetsstudie gebruiken voor ruimtelijk werk.
Je hebt nodig voor mensfiguur scheuren:
  •  wit tekenpapier, A4 formaat, voor het scheuren van mensfiguur
  •  wit of gekleurd papier, A4 formaat, voor de achtergrond
  •  lijm of plakband