Groep 1-2Beeldend

Maak een drukwerk van verschillende hoge bomen.

Hier gaat het over
betekenis

Hoge bomen

In deze les kijken de leerlingen goed naar hoe bomen groeien. De onderdelen, stam, tak, twijg en blad komen aan bod, maar ze kijken ook naar de vorm van verschillende bomen. De les sluit aan bij kerndoel 40: planten hebben verschillende kenmerken zoals vorm, kleur en geur.
Hier kun je op letten
vorm

Vormkenmerken

Doel: de leerling kan verschillende vormkenmerken herkennen: rond/hoekig, groot/klein, kort/lang, dik/dun, stomp/spits. 
De leerling kan verschillende vormkenmerken in een werkstuk toepassen.

Waar moet je op letten?
  • Het gaat alleen om de vorm. Verschillen in kleur en textuur zijn bij deze les ondergeschikt.
  • Vormen kunnen meerdere kenmerken hebben.
Hier ga je het mee maken
werkwijze

Stempelen figuur

Doel: de leerling kan met behulp van aardappels en ecoline afdrukken maken. 
De leerling kan een stukje aardappel op een stempelkussen drukken en op het papier plaatsen voor een afdruk. 

Waar moet je op letten?
  • Druk niet te hard met de stempel op het kussen. Dan spettert de ecoline over de rand.
  • Druk stevig met de stempel op het papier voor een goede afdruk.
  • Houd de kleuren zuiver door stempels bij de juiste bakjes te houden.
  • Ga niet wrijven met de stempel.
Je hebt nodig:
  • ruw wit tekenpapier, A4 of A3 formaat
  • aardappels
  • tissues
  • bakjes
  • ecoline
  • mesjes bij de hogere groepen

Toelichting:
  • Bij de onderbouwgroepen zorg je zelf voor voldoende aardappels die al tot stempel zijn gesneden. De midden en bovenbouwleerlingen kunnen zelf de aardappels snijden.
Zo kom je op ideeën
onderzoek

Onderzoek het materiaal

Doel: de leerling kan het materiaal op verschillende manieren hanteren. 
 
Waar moet je op letten?
  • Het filmpje is bedoeld voor jou als leerkracht.
  • Maak van het onderzoek bij kleuters een spelletje. 
  • Ga zelf tussen de leerlingen zitten en probeer van alles uit.
  • Ben enthousiast over je ontdekkingen.
  • Spreek hardop uit wat je doet en waarvoor je het misschien kan gebruiken.
Je hebt nodig:
  • het materiaal van de werkwijze
  • eventueel oefenvellen