Groep 5-6Drama

Een onverwachte voetbalwedstrijd

Maak een presentatie waarin je een onverwachte voetbalwedstrijd gaat improviseren. 

Hier gaat het over
betekenis

Een onverwachte voetbalwedstrijd

In deze les onderzoeken we voetbalsport en sluiten hiermee aan bij kerndoelen 12, 34 en 57.
Hier kun je op letten
vorm

Mimiek

Doel: de leerling weet dat je met je mimiek (gezichtsuitdrukking) kunt laten zien hoe de speler zich voelt. 
 
Toelichting:
  • De doelen zijn geen meetlat. Lees ze om een beeld te krijgen waartoe je leerlingen in staat zouden kunnen zijn. Voldoen leerlingen niet aan dit doel wordt geadviseerd te differentiëren, dus randvoorwaarden te creëren waarbinnen het betreffende kind toch vooruitkomt in dat doelgebied.
  • Het werken met gezichtsuitdrukkingen blijft een aandachtspunt, omdat ze in het dagelijkse communiceren weinig en onbewust voorkomen. Advies is om vooral dat één kind in de repetitiefase ‘uitstapt’ en als kijker coacht waar gezichtsuitdrukkingen wenselijk zijn. Zo langzaam dat bewustzijn te koppelen aan eigen spel waarbij gezichtsuitdrukkingen groot ingezet kunnen worden. 
vorm

Gebaar

Doel: de leerling kan natuurlijke gebaren gebruiken.
De leerling kan gebaren vergroten zodat ze duidelijk worden voor de toeschouwer. 

Toelichting:
  • De doelen zijn geen meetlat. Lees ze om een beeld te krijgen waartoe je leerlingen in staat zouden kunnen zijn. Voldoen leerlingen niet aan dit doel wordt geadviseerd te differentiëren, dus randvoorwaarden te creëren waarbinnen het betreffende kind toch vooruitkomt in dat doelgebied.
  • Het werken met gebaar blijft een aandachtspunt, omdat ze in het dagelijkse communiceren niet of onbewust voorkomen. Advies is om vooral dat één kind in de repetitiefase ‘uitstapt’ en als kijker coacht waar gebaren wenselijk zijn. Zo langzaam dat bewustzijn te koppelen aan eigen spel waarbij gebaren groot ingezet kunnen worden. 
Hier ga je het mee maken
werkwijze

Improvisatiespel

Doel: de leerling kan meespelen met het idee van de klasgenoot.
 
Toelichting:
  • De doelen zijn geen meetlat. Lees ze om een beeld te krijgen waartoe je leerlingen in staat zouden kunnen zijn. Voldoen leerlingen niet aan dit doel wordt geadviseerd te differentiëren, dus randvoorwaarden te creëren waarbinnen het betreffende kind toch vooruitkomt in dat doelgebied.
  • Opbouwend van twee basisafspraken naar meer specifieke aandachtspunten zo zou je de leercurve tussen groep 5 en 6 kunnen zien. Veel kinderen improviseren liever dan dat ze iets afspreken en ervaren weinig drempels. Coaching zit op veiligheid, als een kind liever niet voor de groep wil is dat o.k. bij deze werkvorm. Het trainen in de hoeken doen ze wel mee. 
Materiaal hangt erg van de les af. Vaak halen spelers spelimpulsen uit objecten en kunnen de meest uiteenlopende spullen worden ingezet. Zie hiervoor de lesbeschrijving. 
Zo kom je op ideeën
onderzoek

Ideeën gooien

Doel: de leerling oefent met op eigen impulsen te reageren zonder zelfcensuur. De leerling oefent om flexibel met eigen en andermans spelideeën om te gaan.

Waar moet je op letten? 
Benadruk dat realisme niet het doel van de opdracht is, dat het fantasievol mag zijn. 
Benadruk dat je soms eigen ideeën moet loslaten omdat andere ideeën op dat moment als geschikter worden beoordeeld door medeleerlingen. 

Als je de onderzoeksopdracht doet per werkgroep één pittenzak. Je kan ervoor kiezen om een paar ideeën te laten noteren, dan één pen of potlood en papier per werkgroep.