Groep 3-4Beeldend

De illustere illustrator [KBW 26]

Terugkijken: wat hebben we geleerd?

betekenis

De illustere illustrator [KBW 26]

Maak van de nabeschouwing een spel. Leg de boeken met de witte pagina’s op en leg de tekeningen er willekeurig bij. 
  • Welke afbeelding hoort bij welke tekst? Waaraan zie je dat?
Wanneer er voor dezelfde tekst meerdere afbeeldingen zijn gemaakt. 
  • Wat zijn de verschillen en de overeenkomsten tussen de afbeeldingen?
  • Welke afbeelding past volgens jou heel goed bij de tekst? Waarom?
vorm

Lijn als arcering

  • In welk werkstuk zitten veel verschillende soorten arceringen? Wijs ze eens aan.
  • Welke arcering vind je heel goed passen bij de vorm? Waarom?
  • In welk werkstuk zijn fijne en grove arceringen gebruikt. Wat voor effect heeft dat?
werkwijze

Tekenen met viltstift: vrij arceren

  • In welke tekening zitten veel dezelfde arceringen? Benoem ze eens.
  • In welke tekening zitten heel veel verschillende soorten arceringen?
  • In welke tekening zitten arceringen die uit meerdere kleuren bestaan? Wijs eens aan.
onderzoek

Schets je ideeën

Stel deze vragen voordat de leerlingen een schets gaan uitwerken.
  • Wie heeft er heel veel verschillende schetsen gemaakt?
  • Wie vond het lastig om nieuwe ideeën te bedenken? Wie kan een tip geven?
  • Bedenk welke schets je wil gaan uitwerken en waarom? Laat een paar leerlingen aan het woord. Vraag of kinderen tips kunnen geven.
Alweer een beetje creatiever geworden!